RICHTLIJNEN VOOR OUDERS

Mevrouw, mijnheer,

Uw baby wordt behandeld met een siroop wegens aangeboren besmetting met cytomegalovirus. Deze siroop is bereid in onze ziekenhuisapotheek; u kan deze niet verkrijgen bij uw lokale apotheker. Omdat de siroop maar 35 dagen houdbaar is en uw baby gedurende 42 dagen behandeld moet worden, moet u op ________________ een nieuwe fles afhalen bij onze apotheek in het UZ Gent (gebouw K12, kelderverdieping). Het voorschrift hiertoe is reeds ter plaatse.

Geef uw baby 2x per dag (’s morgens en ’s avonds) net voor een voeding _____ mL siroop met het bijgevoegd spuitje. Het is niet nodig de siroop opnieuw toe te dienen wanneer uw baby nadien melk teruggeeft of overgeeft. Wanneer u siroop morst op uw huid, was dan grondig met water en zeep. Bewaar de siroop in de koelkast.

Tijdens de behandeling moet uw kinderarts regelmatig het bloed van uw baby controleren op eventuele nevenwerkingen. Uw kinderarts is hiervan op de hoogte. Een 1ste afspraak maakt u best 3 à 4 dagen na het starten van de behandeling. Wanneer u nog andere medicatie aan uw baby geeft, meld dit dan aan uw kinderarts.